WW-uitkering en de Werkloosheidswet
Bij ontslag kan de werknemer meestal een beroep doen op een uitkering op
grond van de Werkloosheidswet.
Alleen als er sprake is van
verwijtbare
werkloosheid, kan het UWV een sanctie opleggen die kan oplopen tot een
korting van 100% op de uitkering.
Bereken welke uitkering voor u van
toepassing is.
WW-uitkering (loongerelateerde uitkering)
De loongerelateerde WW-uitkering bedraagt in de eerste twee
maanden 75% van het laatstverdiende loon, en de rest van de periode
70%. Er is wel een maximum, wat in de eerste twee maanden neerkomt op
€ 3.081 en daarna € 2.876 (ongeveer € 34.900 per jaar)
Voor het recht op een loongerelateerde WW-uitkering gelden de
volgende voorwaarden:
- 26-uit-36-eis
- 4-uit-5-eis
U moet in de 36 weken voorafgaande aan de eerste
werkloosheidsdag minimaal 26 weken in loondienst gewerkt hebben.
Het aantal dagen of uren dat in een week gewerkt wordt, speelt
daarbij geen rol. Doorbetaalde vakantie(dagen) tellen mee. Periodes van
ziekte worden overgeslagen.
Voor bepaalde groepen werknemers, zoals seizoenwerkers, kunnen
afwijkende eisen gelden.
U moet gedurende 4 van de 5 kalenderjaren voorafgaand aan
het jaar waarin de werkloosheid is ontstaan, over ten minste 52 dagen
per jaar loon uit dienstbetrekking ontvangen hebben.
Meegeteld
mogen worden:
- jaren waarin niet is gewerkt wegens de verzorging van een
kind tot zes jaar (elk jaar van verzorging telt mee als
één arbeidsjaar) of van een kind van zes tot twaalf
jaar (elk verzorgingsjaar telt mee als een half arbeidsjaar);
- jaren waarin een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt
genoten.
De duur van de uitkering is afhankelijk van uw arbeidsverleden,
minimaal 6 maanden en nu nog maximaal 5 jaar.
Kortdurende WW-uitkering
Als u niet voldoet aan de 4-uit-5-eis maar wel aan de 26-uit-36-eis,
heeft u gedurende 6 maanden recht op de zogenaamde kortdurende
WW-uitkering, ter hoogte van 70% van het wettelijk minimumloon.
Voldoet u wel aan de 4-uit-5-eis, maar niet aan de 26-uit-36-eis,
dan is er géén recht op enige uitkering krachtens de
Werkloosheidswet.
Toeslagenwet
Als het (gezins)inkomen lager is dan het van toepassing zijnde sociaal
minimum, heeft u volgens de Toeslagenwet recht op een aanvulling
tot het sociaal minimum.
De hoogte is afhankelijk van de samenstelling van het huishouden
en varieert van 70 tot 100% van het minimumloon.
Terug naar ww-uitkering